Archive for juli, 2020

Gelukkig in Holset XIII: The spotless mind

zondag 19 juli, 2020

voor Stéphanie

Toen ik met een huisgenote langs de DVD collectie liep pikte ze er en passant twee titels uit waar het woord ‘sunshine’ in voorkwam.
Een daarvan was Eternal Sunshine On The Spotless Mind.
Toen we later op die dag verder praatten zei ik op dat de Spotless Mind een Zen begrip was.
Nu had ik die DVD  nooit bekeken en ik vond het vreemd dat die titel me niet opgevallen was, toen ik de collectie aan het catalogiseren was, want het boeddhisme interesseert me wel.
Maar toen ik de titel opzocht in de International Movie Database bleek waarom, de film is een Amerikaanse comedy, een genre wat me meestal niet aanspreekt.
De titel is een citaat dat een van de personen in de film in een discussie gebruikt.

Ik bleef echter nieuwsgierig naar de betekenis van dat citaat en zocht verder.
Het is een regel uit een gedicht van Alexander Pope over een historisch paar uit de Middeleeuwen: Abélard en Héloïse. De eerste een filosoof en Héloïse een jonge vrouw, volgens veel teksten een tiener, die hij moest onderwijzen in godsdienst en filosofie maar en passant verleidde en in een klooster liet verdwijnen nadat ze bevallen was van het kind dat hij verwekt had, en Abélard zich naar mijn mening ook verder gedroeg als een zak.
Niks Zen.

Maar hoe kwam ik daar dan op?
Waarschijnlijk door twee teksten:
In de eerste plaats door de slotregel van een gedicht van (daar heb je hem weer) Han Shan.
Only when the mind is free of care,
Can the light of understanding shine in every corner.

De andere tekst heb ik niet op schrift maar ging naar ik me herinner over een vrouw die getroffen wordt door de weerspiegeling van de maan in het water in de put.
Ze schept zorgvuldig een emmer met de spiegeling uit de put om die mee naar huis te nemen…

Door al dat gelees is spiegel voor mij een metafoor geworden voor onze ”mind” (Bewustzijn? geest? ik weet er geen goed Nederlands woord voor).
En hiermee zitten we midden in de filosofische vraag die in alle tijden, culturen en religies terug komt:
Wat is de relatie tussen onze waarneming en interpretatie daarvan en de werkelijkheid?

Je vind het in Plato’s grot metafoor, bij Paulus in 1 Korinthe 13:9 tot 13:12 en in 2 Korinthe 3:18.
Wat me waarschijnlijk ook op het verkeerde been heeft gezet is dat Ingmar Bergman’s film “Såsom i en spegel” (Als in een spiegel) In Nederland uitgebracht werd als “In een donkere spiegel“. Terwijl Bergman hier duidelijk Paulus citeert en daar staat, althans in de Statenvertaling: Want wij zien nu door een spiegel in een duistere rede.
De spiegel is dus niet donker maar het ervaren beeld is niet helder. Op dat onderscheid kom ik verderop terug.

Enfin, die DVD ga ik waarschijnlijk niet bekijken.
Maar een Spotless Mind, als dat zou kunnen…
Want het blijft toch een aandoenlijke trek van de Homo min of meer Sapiens om met behulp van de rede te trachten de mate van onvolkomenheid van de rede vast te stellen.

Brecht zegt het in Das Lied von der Unzulänglichkeit menschlichen Strebens wat plat, maar ja hij komt ook uit de school van het historisch (en bijwijlen enigszins hysterisch) materialisme.

Der Mensch lebt durch den Kopf,
der Kopf reicht ihm nicht aus.
Versuch es nur; von deinem Kopf
lebt höchstens eine Laus.
Denn für dieses Leben
ist der Mensch nicht schlau genug.
Niemals merkt er eben
jeden Lug und Trug.

het volgende couplet eindigt hij met:

Denn für dieses Leben
ist der Mensch nicht schlecht genug,
doch sein höh’res Streben
ist ein schöner Zug.
Kale troost, Bertold.
maar we blijven het proberen.
De vraag is, wat mankeert er aan onze spiegel?
De metafoor klopt eigenlijk niet.
De spiegel neemt niet waar.
De spiegel en de receptoren in ons netvlies zijn media.
En hun data worden vervolgens door een andere faculteit van ons van een betekenis voorzien.
En hier gaat er het een en ander mis, denk ik.
Bij de verwerking benoemen we onze waarnemingen. Filteren we ze op relevantie. Noemen we sommige signalen informatie en andere signalen ruis.
Informatieverwerking is onbedoeld informatiebewerking!
Wat ons hier bij dwarsboomt is namelijk dat wij bewust of onbewust al uitmaken wat we als informatie beschouwen en wat als ruis.
Wat we herkennen is potentiele informatie, waarvan we dan vervolgens kunnen bepalen of het nuttige informatie is, of op zijn minst stof is dieinteressant genoeg is om later eens na te kijken of dat het irrelevante data zijn.
Maar het sleutel woord is het herkennen. We herkennen iets wat we al kenden iets waar al een betekenis aan gehecht is. Door ons zelf of door een bron die wij als betrouwbaar ervaren.
Zo verzamelen we kennis op basis van een begrippencatalogus.
Maar wat gebeurt er met de omgevingsfactoren die wij zelfs niet eens waarnemen, maar wel degelijk deek uitmaken van de werkelijkheid ?
Thomas Nagel heeft dit probleem inzichtelijk gemaakt door ons te vraag voor te leggen hoe het is om een vleermuis te zijn, zij hebben een zintuig dat wij niet hebben, namelijk om door het interpreteren van echo’s een “beeld” te krijgen van de omgeving.
Laten we ons proberen voor te stellen wat je ervoer in de eerste uren van je leven.
Waarschijnlijk een overvloed aan gewaarwordingen sommige daarvan met directe lichamelijke reacties, maar geen herkenning, geen begrip, geen betekenis.
Geleidelijk begint  er echter in de maanden daarna iets te gloeien: The Light of Understanding!
Er ontstaat een een weldadigheid die verbonden is aan een klank.
Mamma, mamma.
Langzamerhand ontstaat jouw werkelijkheid. De begrepen wereld.
Daar zitten we dan in ons groeiende universum van gelabelde dingen gevoelens en abstracties.
Er kan ook een gevoel van ongemak blijven bestaan.
In het fysieke kan je hierbij denken aan de ervaring als je ergens gehurkt naar een plantje zit te kijken op een verlaten plek en dan aan de rand van je blikveld een beweging ziet.
Gevaar?
Maar er is ook een abstracter ongemak:
Ons onbeholpen weten.
Kan je hier iets aan doen?
Is er een manier om een systeem te doorgronden als je zelf onderdeel van het systeem bent.
Ik ben geneigd om (op niet helemaal verdedigbare logisch aanvoelende gronden) te zeggen: Nee.
Is er een techniek te bedenken om niet benoemend te aanschouwen.
Ik lees wel eens iets over dingen die in die richting wijzen, en vele daarvan zeggen dan dat je moet beginnen je geest leeg te maken. maar ik heb geen idee hoe je dat zou moeten doen.
En eigenlijk weet ik ook niet zeker of ik dat wil. Wie er dan nog aanwezig is om de luiken weer open te zetten?
Anderen hebben het weer juist over mindfulness.

Wat mewel redelijk lukt is de staat te bereiken dat “the mind is free of care”.
Met muziek bijvoorbeeld.
Maar dan verlies ik me in iets. En dat gaat zonder dat mijn interpretatiemechanisme iets hoeft te doen.
Het is een soort infuus. Het stroomt binnen zonder dat ik zelfs hoef te slikken.
Maar ben ik dan dichter bij de werkelijkheid, het al onder de hemel zoals ze dat verderop noemen?
Toch is er iets dat toeneemt.
Geluk, om maar iets te noemen wat niet onbelangrijk is.

Er is wel verschil tussen de kunstvormen die dat effect veroorzaken.
Bij muziek is de invloed tijdgebonden.
Een boek of een andere verhalende kunstvorm kan lang nawerken.
Het kan een gevoelslaag triggeren die je nog niet bij je zelf herkend had.
Sommige verhalen kun zelfs je leven in een bepaald gebied een andere richting geven.

En is dan niet je werkelijkheid verruimd?

%d bloggers liken dit: