Posts Tagged ‘geluk’

Gelukkig in Holset V; Drie culturen onder één dak

donderdag 24 oktober, 2013

Die drie culturen onder één dak hebben niets te maken met het drielandenpunt hier om de hoek en ook niet met de Euregio waar ze het hier vaak over hebben.

Het gaat over drie verschillende families bacteriën, die hier logeren en voor mij respectievelijk zuurdesem, yoghurt en zuurkool bereiden.
Het is een behoorlijk genoeglijke bezigheid om deze drie te onderhouden.
De zuurkool beestjes zijn het minst veeleisend. Eigenlijk hoef ik alleen maar te zorgen dat het waterslot op het zuurkoolvat gevuld blijft en dan moet er over nu een week of vier zuurkool zijn. Mijn moeder die in het land van de zuurkool bij uitstek opgroeide, citeerde wel eens een lokaal gezegde: Wer auf Gott vertraut, und sich Kappes klaut, der hat im Winter Sauerkraut.
Kappes is in het platduuts spitskool, maar ook hier in de buurt is het woord niet onbekend, Zoals Wikipedia zegt:
Mèt kappes wirt in deile van Limburg ‘ne sjpitskeuël bedoeld. ’t Woord kappes is aafgeleijd van ’t Latiense woord caputia of capitata wat keuël of “Witte keuël” beteikent.

In onze zuurkool is echter geen gewone spitskool gegaan maar Filderkraut. Dat is een variëteit waarvan de bewoners van het Fildertal nabij Stuttgart denken, dat hij het daar alleen maar goed doet.  Nou, dat is niet het geval. Hier heb ik ook Filderkraut gezaaid en dat werden forse kolen. Waarschijnlijk omdat het hier ook Löss grond is.
Dus stonden we op de dag dat daar het Filderkrautfest 2013 uitbundig gevierd werd hier ook kolen te schaven. Het vat van 16 liter dat wij in Beegden gekocht hadden, bleek een beetje te klein voor de 14,6 kilo kool, omdat we dachten dat 2 kilo kool geschaafd in 1 liter zou passen. Dus het is even afwachten.

De zuurdesem kolonie is een vastere klant. Dagelijks wordt deze bijgevoerd en ik heb nu een stabiele cultuur op roggemeel.
Het mooie van zo’n stabiele cultuur is dat hij steeds beter wordt. In het begin ruikt en smaakt hij alleen maar zuur, maar naar een week ontstaat er al een nootachtig bouquet.
De belangstelling voor zuurdesem ontstond omdat ik al jaren de ambitie had om een stokbrood te bakken zoals dat met name door God in Frankrijk bedoeld is, maar omdat dit een zeer lastig proces is schoof ik het voor me uit.
Het was me duidelijk een paar dingen essentieel zijn voor echt stokbrood. Bloem van harde tarwe zonder bijvoegingen, zuurdesem, stoom en geduld.
Op stoom na, allemaal schaarse producten. Uiteindelijk vond ik – nota bene in Rotterdam – een bakker die mij Tradition Française wilde verkopen en kon het experiment beginnen, en begon het het oefenen van zuurdesem en geduld.
Het eindpunt is echter nog niet bereikt. Wat ik maak ziet er uit als een stokbrood, ruikt als een stokbrood, heeft al enigszins de korst van een stokbrood, maar nog niet het kruim. Door stiekem wat gist te gebruiken komt er wel meer lucht in, maar dat mag officieel niet en in sommige dingen kan ik heel steil in de leer zijn.
Maar de vorderingen in het kweken van geduld zijn niet helemaal ontmoedigend. Soms denk ik wel eens , dat ik als ik nog heel lang leef, wel eens een ontspannen vriendelijke oude baas zou kunnen worden, maar ik vraag me af om de mensen me dan nog wel zouden herkennen.

Die yoghurtmakerij heb ik in Rotterdam ook al een tijdje bedreven, maar onlangs weer opgevat omdat er hier steeds vaker met muesli wordt ontbeten. En het kopen van yoghurt in een supermarkt een bezigheid is die me elke keer weer uit m’n humeur brengt, omdat het aanbod van 83 verschillende soorten yoghurt voor mij een symbool is van de verspillende waanzin van onze manier van produceren.
Rustig Beus. Daar heb je nu geen last meer van.

Het was weer even oefenen, voordat het werkte zoals ik wil. Wat ik geleerd heb, is dat je geen extra houdbare melk, Duitse melk of melk van de Aldi moet gebruiken. Misschien is het de microfiltratie, maar op de een of andere manier krijg je dan yoghurt waarbij de vaste stof zich splitst van de wei.
Wil je dikke yoghurt, dan moet je ook dikke yoghurt als starter gebruiken. Er zijn in Bio-winkels ook poedertjes te krijgen als starter, maar daar vragen ze vaak woekerprijzen voor.

Er zit nog een andere vrolijke kant aan het yoghurt verhaal:
Destijds (in de Rotterdamse tijd)  was ik tijdens een vakantie in Aken tegen een yoghurtmaak apparaat aangelopen van het merk Krups. Het is een thermostatisch geregeld warmhoudplaatje met zes potjes die zo groot zijn dat als je een zo’n potje met yoghurt toevoegt aan een liter melk je weer precies die zes potjes kunt vullen.
Nu dacht ik af en toe, als er maar nooit eens een van die potjes sneuvelt. En dat had ik misschien beter niet kunnen denken, want dat was precies wat er gebeurde.
Dus ik aan het rekenen, “vijfde zesde liter melk, dat is….” Kortom een heel gedoe, maar toen gebeurde het wonder: Ineens had ik weer zes potjes.
Dat gebeurde na een mysterie. Ik had een potje waarin bakgember had gezeten in de afwasmachine gezet en de volgende dag alleen maar het dekseltje teruggevonden. Alle huisgenoten die ik pleeg te beschuldigen als ik iets kwijt ben, ontkenden bij hoog en bij laag een glazen potje in de glasbak verzamel tas of erger gedaan te hebben, dus bleef de poes als enig verdachte over. Maar die zweeg ook in alle talen.

Een dag later zag ik het verband: Het gemberpotje was gereïncarneerd als yoghurtpotje!
Bewaren die dingen dus.
Vandaag was ik voor het eerst helemaal tevreden over de yoghurt. Gemaakt van volle melk, yoghurt op Turkse wijze en ik heb na het pasteuriseren van de melk twee eetlepels magere melkpoeder in de nog warme melk opgelost.

Al met al begint het leven hier behoorlijk te lijken op het leven zoals ik het me had voorgesteld.
Het is een dubbele herfst. Die van mijn leven en momenteel die van het jaar.

Buiten deze biologische dingen is er de afgelopen weken ook druk ingemaakt, gegeleert, gemoest, gedroogd en gebakken.
Wie die heerlijk kinderboekjes van de Bramenbuiurt serie kent, kan zich voorstellen welk gevoel zich in dit huis soms van ons meester maakt.

Advertenties

Gelukkig in Holset IV; Onder de hemel

zaterdag 19 november, 2011

Voor het eerst sinds we eind september in ons nieuwe huis in de heuvels trokken om daar als een soort kwartiermakers te gaan kamperen vind ik voldoende rust om iets op te schrijven. Niet dat het huis af is. Nog lang niet, maar er zijn al zeer bewoonbare gedeelten.
Wat wel volmaakt is, is het uitzicht, dat ik elke ochtend geboren zie worden. Naar mate de horizon achter me, die van uit dit huis niet zichtbaar is, zich verder naar de zon toe wentelt, onderscheidt de westelijke hemel zich duidelijker van de heuvelrand.
Elke dag gebeurt dit iets later. En ook voor zonsopgang is er ook al van alles verschoven in de weken dat ik hier wakker word.

De maan blijft steeds meer achter naarmate hij minder vol is en Orion is opgeschoven en hangt nu boven België als het nog net donker is.

Dan voltrekt zich wat beschreven wordt in mijn favoriete lied Nuevo dia van de gelijknamige CD van Lole y Manuel.

El sol joven y fuerte
ha vencido a la luna
que se aleja impotente
del campo de batalla.

La luz vence tinieblas por campiñas lejanas.
El aire huele a pan nuevo.
El pueblo se despereza.
Ha llegado la mañana.

De zon, jong en krachtig
heeft de maan verslagen
die zich machteloos terugtrekt
uit het slagveld.

De zon lost de nevels op in de velden in de verte.
De lucht ruikt naar vers brood.
De mensen rekken zich uit.
De ochtend is aangebroken.

Terwijl ik dit schrijf  is de zon door de wolken gebroken en worden drie verderop gelegen boerderijen uitgelicht. De huizen dichterbij moeten nog even wachten tot de zon ook de heuvel waarop wij wonen heeft genomen.

De schapen van de overburen hebben zich nog niet laten zien.  Ze zijn met zijn drieën. Twee witte en één donkerbruin.
Toen het een paar dagen geleden rijpte was het bruine schaap aan de bovenkant ook wit. De koeien in de grote boerderij verderop wachten tot het wat warmer wordt voor ze uit de stal komen.

Zo worden er langzamerhand patronen zichtbaar.
Patronen en verschuivingen in die patronen die zich voltrekken in het tempo dat de wetten van het heelal ze oplegt.

Het geeft me een intens gevoel weer thuis te zijn. Thuis in het heelal, de schepping of hoe je het noemen wil, de onpeilbare complexe ruimte gevuld met leegte en materie, waarvan ik dankzij een raadselachtig verschijnsel dat leven heet een tijd getuige mag zijn.

Wow!

Betere vraag: “Wat is de on-zin van het (je) leven?”

zaterdag 10 juli, 2010

Iemand die op zoek is naar zijn identiteit, doet me altijd denken aan iemand die zijn bril loopt te zoeken zonder in de gaten te hebben dat hij die bril op heeft.
In beide gevallen valt dat gene waar naar gezocht wordt samen met datgene waar mee gezocht wordt.
Van die twee zoekenden heeft de bril-zoeker de beste vooruitzichten, omdat deze datgene wat hij zoekt kent, en het daardoor ook direct zal herkennen als het zijne wanneer hij het ziet. (Bijvoorbeeld in een spiegel, waar hij toevallig langs komt).

Voor de persoon die op zoek is naar zijn identiteit, zijn de vooruitzichten wat somberder, omdat hij het gezochte niet kent en ook niet kan herkennen, omdat hij een verkeerd beeld heeft van wat het begrip ‘identiteit ‘eigenlijk inhoudt. Anders zou hij er namelijk niet naar zoeken.
Degene die zoekt is namelijk datgene wat hij zoekt.
Hij is zogezegd identiek aan zijn identiteit. Maar hij snapt dat niet, want hij is  op zoek naar een attribuut dat hij aan zich zelf kan toevoegen.
En daarin is hij niet de enige.
Mensen zijn massaal bezig zich te omringen en te behangen met attributen. Dat kan in materiële zin door bezittingen te vergaren, zich zelf te piercen of te tatoeëren, hun haar of hun gezicht te verven, verre landen plat te lopen of een opvallend huisdier aan te schaffen. Maar het kan ook in ideologische zin door te zoeken naar een ‘spiritueel’ etiket of zich te verschansen in een etnisch of nationalistisch sjabloon.

Ik weet niet of die mensen er blij mee zouden zijn als ik ze dat zou zeggen, maar waar ze naar lijken te zoek is naar een merk. Een sterk merk. En voor sommigen van hen bij voorkeur een eigen merk. Maar de meesten nemen genoegen met (let op dit woord!) identificatie met een bestaand sterk merk.
Op het  moment  dat ik dit stukje schrijf worden in de meeste grote steden in Nederland grote beeldschermen op pleinen opgesteld om duizenden mensen in de gelegenheid te stellen gezamenlijk naar de finale van het wereldkampioenschap voetbal te kijken, en feest te vieren als het Nederlandse elftal wint.
Velen zullen zich daarvoor in bizarre kleding hullen en als het Nederlandse elftal inderdaad wint, zullen ze uitzinnig van vreugde zijn omdat we gewonnen hebben. Niet dat elftal, nou ja die ook natuurlijk, maar Nederland is kampioen. We are the champions!

Is dat iets om je druk over te maken?
Lastige vraag.
Het is natuurlijk jammer tot tragisch als je ziet dat mensen hun leven lang bezig zijn placebo’s voor nieuwere placebo’s in te ruilen. Want omdat het middel niet echt werkt blijven mensen onbevredigd en streven ze doorlopend  naar nieuwe geluksbrengers. Maar ik moet bekennen mij niet mijn broeders hoeder te voelen, en zeker niet als het om miljoenen broeders gaat.

Wat echter wèl van belang is, is wat het maatschappelijk  effect  is van hele volksstammen die hun vervulling denken te vinden in het verzamelen van zoveel mogelijk attributen.
Dat leidt namelijk tot een massale productie van onzin. Verdovende onzin.

Om maar enkele voorbeelden te noemen:
Al snel na de invoering van de televisie volgde de kleurentelevisie. Daar waren we jarenlang tevreden mee, maar nu wordt terwijl de HD televisie nog maar in een deel van huizen staat,  ons al weer 3D televisie aangeboden.
Televisie is eigenlijk al een ouderwets begrip. Je moet eigenlijk een soort huisbioscoop hebben, iets waarbij je niet meer weet waar je PC ophoudt of je TV begint, zoals je ook met je telefoon moet kunnen navigeren en met je  espresso-apparaat moet kunnen twitteren. Onder tussen liggen we aan het infuus bij een provider waar we zoveel bandbreedte hebben dat we in één uur meer video kunnen binnenhalen dan we in de rest van ons leven kunnen bekijken.
Dat kost allemaal geld, energie en grondstoffen.
Zelfs als we die spullen allemaal klimaatneutraal zouden  kunnen fabriceren, distribueren en recyclen zouden we daarvoor toch de schaarse voorraden van bepaalde grondstoffen verder moeten uitputten, met alle geopolitieke dreigingen die daaruit kunnen ontstaan.

Is daar iets tegen te doen?
Wat denkt u zelf? Zou er in Nederland een politieke partij te vinden zijn die in haar programma zette: “Wij streven naar een economische groei van min 1,7%”?
Denk het niet.
Wat dan wel?
Jaren geleden, misschien wel 20 jaar, was er een plaag in de varkensindustrie. Op het journaal waren beelden te zien van het ‘ruimen’ zoals men dat verhullend noemde van varkenshouderijen  in onder meer Duitsland. Er was een fragment wat mij enorm schokte en me nog steeds achtervolgt:
Een boer had een  jong varken bij de achter poten vast en sloeg het beest met zijn kop tegen de stalmuur dood. Naast hem lag een stapel roze varkenslijken.
Even schoot door dat laatste beeld een beeld heen van een stapel mensenlijken uit filmbeelden van de bevrijding van een van de concentratiekampen. En meteen daarop schaamde ik me voor die associatie ( je mag Auswitsch nergens mee vergelijken), maar toen ik er over bleef nadenken kon ik er toch niet omheen dat de dieren die ik at  eigenlijk geen leven voor de dood hadden gehad, maar hun bestaan hadden doorgebracht in een soort vernietigingskamp.
Wat kon ik daaraan doen? Een Partij voor de Dieren was toentertijd net zo onwaarschijnlijk als een partijprogramma met economische krimp nu.
Ik besloot geen vlees meer te eten. Vrouw en kinderen konden daar wel in meegaan en dus gingen we op zoek naar vleesvervangers, vanwege de broodnodige eiwitten en zo.
In die tijd was dat lang zoeken en weinig keus. Maar nu zie je in alle supermarkten steeds meer schapruimte ingeruimd voor vegetarische producten, en deze week ontdekten we dat zelfs de Aldi met zijn beperkte assortiment meerdere vega producten verkoopt.

OK waar wil ik naar toe? Ben ik een soort terug naar de natuur type?
Nee, hooguit een vooruit naar de natuur type. Naar de menselijke natuur wel te verstaan.
Vooruitgang is voor mij niet meer dingen, maar de goede dingen.
Technologie is fantastisch als die gebruikt wordt voor het ontwikkelen van schone basisproducten die generaties mee gaan.
Laten we kinderen weer leren hun fantasie en hun handen te gebruiken om dingen te maken.
Gun ze het geluk om hun zelf gezaaide worteltjes te proeven.
Laten we ons zelf niet vermoeien met schijnproblemen als  onze identiteit (zie: Wie ben ik, en waarom?) of vragen over de zin van het leven (zie: Rare vraag eigenlijk: “Wat is de zin van het leven?”) maar ons bezig houden met het leven zelf en kijken hoeveel overbodige onzin we daaruit kunnen verwijderen.

En oh ja, bedenk de volgende keer dat je op de fiets zit dat je eigenlijk al een prachtig toestel hebt, dat niet van echt te onderscheiden beelden produceert in maximale definitie, full colour, surround geluid en drie echte dimensies, waarmee je de camerahoek met die twee handels voorop kunt instellen en je kunt inzoomen door je pedalen te bewegen. (Uitzoomspiegel los verkrijgbaar).
En terwijl je zo van deze Super TV geniet, werk je ook nog aan je gezondheid.

Kicken!

Vieren wij de democratie!

woensdag 29 juli, 2009

Het onderstaande concept van een lobby heb ik geplaatst op de website www.denationaledialoog.nl

Als je dit idee wilt ondersteunen ga dan naar die site, wordt deelnemer aan de dialoog (sowieso een goed idee) ga naar lobby’s, klik daar op alle lobby’s  en stem daar (o.a. op mijn idee natuurlijk).

Aan: De leden van de Tweede Kamer der Staten Generaal
De Nationale Dialoog, 29 juli 2009
Betreft: Het vieren van de democratie
Geachte leden van de Tweede Kamer

Ik richt mijn voorstel in eerste instantie op u om drie redenen:
Ten eerste om dat u behalve als burger ook door uw functie als volksvertegenwoordiger er naar zult verlangen om een fractie van het hele volk en niet van 80% van het volk te vertegenwoordigen.
In de tweede plaats omdat u mij beter dan wie ook zult kunnen adviseren waar ik mijn idee het beste kan insteken.
En tenslotte omdat ik er niet aan twijfel dat ik bij u zeker 50 adhesiebetuigingen voor mijn idee op denationaledialoog.nl zal kunnen oogsten.

In een zin waar het om gaat:
Ik wil bewerkstelligen dat op de dag van de Tweede Kamer verkiezingen het bestaan van een goed functionerende democratie in ons land gevierd wordt door allen die door hun stem uit te brengen die democratie handen en voeten geven.

De achtergrond
Over het algemeen staan we er niet bij stil hoe heerlijk het is om onbelemmerd te kunnen ademen.

Je beseft pas de waarde van vrij toegankelijke zuivere lucht in een situatie waar die niet voorhanden is. Als je je in een brandend huis bevindt, te lang onder water bent geweest, of als je longen aangetast zijn.

Helaas kan je dit tot op zekere hoogte ook zeggen over democratie. Bij de laatste tweede kamer verkiezingen in dit land, vond 20% van de Nederlanders het niet de moeite waard om naar het stembureau te wandelen en daar een stem uit te brengen. In Rotterdam liet zelfs 30% het afweten.
En dit terwijl een democratische regering helemaal niet zo’n vanzelfsprekend verschijnsel is.

Het weekblad The Economist maakt van tijd tot tijd de balans op, hoe het in de meeste landen met de democratie gesteld is.
Er worden 167 landen onderzocht en zij krijgen een rapport cijfer van 1 tot 10 dat gebaseerd is op een score op vijf deelgebieden:

1. Verkiezingsproces en meerpartijenstelsel
2. Functioneren overheid
3. Politieke participatie
4. Politieke cultuur
5. Burgerrechten

Bij een score van 8 tot 10 wordt een bewind democratisch genoemd, bij een score van 6 tot 7.9 wordt gesproken van een democratie met gebreken, scores van 4 tot 5.9 worden als tussenvorm beschouwd en onder de 4 heb je met dictaturen te maken.

Hieronder de resultaten van de laatste twee metingen

Soort regering in 2008 tussen haakjes 2006

Wereld bevolking slaat hier op de bevolking van de 167 onderzochte landen. Omdat alleen micro staatjes niet opgenomen zijn komt dit praktisch overeen met de gehele wereldbevolking in het betreffende jaar.
Bron: The Economist

Gedetailleerde in houd een een uitgebreide verantwoording hoe de score tot stand is gekomen is te vinden in de volgende (Engelstalige) documenten :
http://graphics.eiu.com/PDF/Democracy Index 2008.pdf
http://www.economist.com/media/pdf/Democracy_Index_2007_v3.pdf

Voor wie daar nieuwsgierig naar is, Nederland zakte van een derde plaats in 2006 met een 9.66 naar een vierde plaats in 2008 met 9.53.
Maar, dat is het mooie van een democratie, dat kunnen wij zelf zo weer herstellen.

Maar het eerste waar we dan aan moeten denken is dat de volksvertegenwoordiging ook een volksvertegenwoordiging is en niet een vertegenwoordiging van 80% of 70% van de stemgerechtigden.

Probleem en oplossing

Stemplicht of opkomstplicht kennen we niet meer in Nederland. Stemmen is vrijwillig. Dus wie niet stemt, zal in de meeste gevallen niet gemotiveerd zijn.
(We laten even buiten beschouwing de mensen die fysiek belemmerd waren zelf te stemmen en niet per volmacht konden stemmen, mensen die het vergeten waren dat er verkiezingen waren, of psychisch niet helemaal meer bij de wereld betrokken zijn).
Hoe kan het dat mensen een zo zeldzaam en kostbaar goed als een goed functionerende democratie niet belangrijk vinden?
Daar lijken maar drie mogelijkheden voor te bedenken:

* Zij beseffende de waarde van democratie niet
* Ze geloven niet in onze democratie
* Ze voelen zich niet betrokken bij maatschappij

We kennen allemaal de dooddoeners over Den Haag, de polletiek, dat stelletje zakkenvullers, en het pluche.
Nu is het eenvoudig mensen die dit zeggen dom te noemen, het is vruchtbaarder om dat veel betere verstand van ons dan eens te gebruiken om die afzijdigen ervan te overtuigen dat een democratisch systeem alleen maar werkt als het goed en volledig gebruikt en onderhouden wordt, en dat wil zeggen, dat we het met z’n allen onderhouden.

Stemmen is daar één onderdeel van, en met stemrecht alleen heb je nog geen goed functionerende democratie, maar stemmen is wel de meest duidelijke en concrete manier waarop iedere stemgerechtigde burger rechtstreeks een middel in handen krijgt om deel te nemen aan de vormgeving van de toekomst van de mensen die in dit land wonen.
Het is daarom een geschikt aangrijpingspunt om die mensen die aan de kant blijven staan omdat ze zich onmachtig of buitengesloten voelen, en wellicht ook buitengesloten zijn een hand toe te reiken en te zeggen “Kom op, doe met ons mee, je hoort er bij. Jouw stem telt mee.

De invulling
Op de dag dat wij de democratie vieren moet er een zo breed aanbod van evenementen zijn, dat er voor iedere smaak wel iets aantrekkelijks bij is.
Al die evenementen zijn gratis toegankelijk, voor iedereen die gestemd heeft en als zodanig herkenbaar is, bijvoorbeeld aan een polsbandje.
De evenementen moeten ook fysiek toegankelijk zijn, en daarom is het openbaar vervoer gratis die dag en zorgen vrijwilligers eer voor dat ook minder mobiele personen mee kunnen doen.
Bij de programmering kunnen we denken aan uitvoeringen, lezingen, sportdemonstraties, maar ook aan de openstelling van musea, bibliotheken, sterrenwachten, bijzondere gebouwen of tuinen.
Degenen die dat jaar voor het eerst stemmen zouden daarbij bijzondere aandacht kunnen krijgen, bijvoorbeeld door hen bij de programmering te betrekken, of voor hen erebaantjes te reserveren zoals bijvoorbeeld roadie te zijn bij een band of minder mobiele mensen te mogen bijstaan.
Van de uitvoerenden verwachten wij dat ze om niet optreden.
De overige kosten delen we graag samen. Het is tenslotte ons feestje waarop wij onszelf graag feliciteren met een sigaar uit eigen doos.

Dank u wel voor uw aandacht.

Sneeuw

maandag 1 december, 2008

Omdat mijn biologische wekker niet gelijk loopt met die van mijn bruid, gebeurt het zelden dat wij gezamenlijk ontbijten.
Maar deze zondagochtend was een uitzondering.
De rolgordijnen in de keuken waren voor driekwart neergelaten, zodat je maar een smal reepje Saaiwijk zag. Op tafel brandden drie kaarsen, en er was nog wat over van het brood dat ik de dag er voor gebakken had. Buiten sneeuwde het licht.

Geluk houdt zich graag op in keukens

Een verlaten spinnenweb tussen het rozemarijnstruikje in de kruidenbak voor het keukenraam en en een onzichtbaar bevestigingspunt buiten mijn gezichtsbereik ving heel af en toe een vlokje sneeuw.
Een enkel vlokje was iets groter en leek iets trager te vallen, en als je goed-keek zou het eigenlijk best wel eens een beetje kunnen zweven.

En, ja hoor, ik was weer terug in mijn jeugd.
Als kind lukte me dat: goedkijken.
Net zo lang turen naar natte sneeuw, tot er goede sneeuw tussen zat. En dan droomde je verder over dikke sneeuw dekens, waar je voetstappen diep in achter zouden blijven, als je tenminste de aarzeling kon overwinnen om als eerste over dat veldje te lopen, en daarmee iets ongerepts onherstelbaar te veranderen.
Of over een sneeuwpop in de vorm van een ijsbeer, die je dit jaar écht zou gaan maken en waarmee je grote opschudding in de buurt zou veroorzaken. Vooral als je hem op de hoek van de straat zou zetten, zodat de beer met z’n naar links gedraaide kop om de hoek zou turen.
Of een iglo zoals we die in die strenge oorlogswinter gemaakt hadden van bevroren sneeuw.
Al die gelukzalige perspectieven doemden op als je die sneeuvlokjes probeerde te volgen en je werd een beetje duizelig als je in de lucht keek naar hun opvolgers en de sneeuw ineens  zwarte sneeuw werd.
Alles was mogelijk!
Wat daar bij hielp, was dat het weer onvoorspelbaar was. Dat zeiden de mensen toch? Niets is zo onvoorspelbaar als het weer.
Maar nu hebben we teletekst pagina 704, en weet je dat in het westen en midden van het land de sneeuwval om kwart over drie ophoudt en dat tot aanstaande donderdag de temperaturen zullen stijgen. Trouwens het woord sneeuw hoor je ook al steeds minder. Winterse buien kan je krijgen!

Dat met die ijsbeer zal er dus wel nooit van komen.
Jullie met je stomme auto’s ook!

mailtobutton


%d bloggers liken dit: