Liberale casuïstiek

donderdag 25 november, 2010

Minister Opstelten verblijdt ons zo ongeveer om de dag met een ferme jongens stoere knapen voornemen, waardoor we ons zo langzamerhand wel vier keer zo veilig voelen als een paar weken geleden.
Zo benadrukte hij onlangs nog eens ieders recht op zelfverdediging.
Je ziet maar weer eens dat het werkt als mensen zich van hun voorbeeldfunctie bewust zijn, want onmiddellijk volgde een partijgenoot-burgemeester van een provinciestadje zijn voorbeeld en riep hij dingen in de trant van partijgenoot Rotschop Remkes hoe hij met overvallers om zou gaan.

Dat liet Luis Suarez zich niet ongezegd. Toen hij door een tegenstanders op zijn voet werd getrapt beet hij onmiddellijk van zich af.|
Applaus van de VVD tribune zou je verwachten.
Niks daarvan meneer Aptroot riep er schande van dat hij slechts 7 weken geschorst werd.
Allochtonen in een voorbeeld functie behoren juist niet van zich af te bijten als ze op hun teentjes getrapt zijn, en de overheid moest het tuchtbeleid maar eens van de KNVB overnemen.

Een dag later horen we dat een PVV kamerlid dat verzweeg dat hij voor valsheid in geschrifte werd veroordeeld, 6 weken is geschorst.
De heer Aptroot is de nationaliteit van betreffende persoon aan het uitzoeken denk ik, want ik heb nog niks van hem gehoord.

 

 

Maar wat er aan te doen?

dinsdag 17 augustus, 2010

Hieronder volgt de tekst van een ingezonden brief die op Het Moederfront geplaatst is.
Reacties zijn hier welkom, maar hebben waarschijnlijk een groter bereik daar.

Het is altijd bemoedigend om te merken dat andere mensen opvattingen delen, waarvan jij dacht dat je de enige was die ze koesterde.
En het is helemaal moedgevend als je ziet dat deskundigen die ideeën van jou onderbouwen met hun kennis of uitkomsten van onderzoek en ze zo nog krachtiger kunnen beargumenteren.
Om die redenen lees ik daarom altijd graag deze site, en ben ik ook blij met de response die ik krijg op de stukjes die op mijn weblog heb geschreven over die zogenaamde aanrechtsubsidie en de tweeverdieners ideologie.
Uit het aantal bezoeken, de woorden waar op gezocht werd en de reacties die ik krijg blijkt niet alleen dat de hele ‘aanrecht’ discussie niet alleen breed leeft maar ook de bron is van veel onbehagen.

Ik gebruik expres het woord onbehagen, omdat dit door mij -ik ben een tamelijk oude man – direct geassocieerd wordt met het befaamde artikel van Joke Smit “Het onbehagen bij de vrouw”, dat in 1967 aanleiding gaf tot het begin van de tweede feministische golf.
Nu moet ik mij inhouden om hier niet een enthousiaste, maar ellenlange opsomming te geven alle acties en resultaten die hier uit voorgekomen zijn, maar volsta ik met de constatering dat het op het juiste moment en in de juiste bewoordingen uiten van onbehagen het begin kan zijn van het bestrijden van de oorzaken ervan.

Want hoe bevredigend het ook kan zijn om elkaar te herkennen en te troosten, er is meer nodig om de situatie te veranderen.
En dat is wel nodig, want als ik het goed zie, staat er niet minder op het spel dan het recht om voluit te mogen functioneren als opvoeder, zonder culturele ontmoediging en fiscale bestraffing.
Hier en daar wordt er wel een gewezen naar een te ver doorgeschoten feminisme als het gaat over de tendens om alle vrouwen buitenshuis te willen laten werken, maar ik denk dat dit eerder een vorm van te kort schietend feministisch inzicht.
Het feminisme streefde er immers naar vrouwen te bevrijden van opgelegde rolpatronen, en niet om rolpatronen te vervangen door andere opgelegde rolpatronen.
Rolpatronen overigens waar mannen zich in nog veel sterkere mate laten bepalen, wat de meesten nog niet eens in de gate lijken te hebben. Daar is de emancipatie helemaal te vroeg opgehouden. (Het zou dan misschien ook beter zijn om in plaats van uitsluitend over feminisme ook eens wat vaker over gender emancipatie te spreken).

Ter zake. Hoe brengen we een derde golf op gang?
Zou deze site niet een goede plaats zijn voor het startsignaal?
Zou het geen goed idee zijn om met z’n allen eens een dagje te brainstormen, hoe we onze ideeën beter in de publieke aandacht en op de agenda van de beleidsmakers kunnen krijgen?

Meer over dit onderwerp in:
Tweeverdieners en duurzaamheid 31 mei 2010
Hoezo, aanrechtsubsidie? 3 maart 2010

Betere vraag: “Wat is de on-zin van het (je) leven?”

zaterdag 10 juli, 2010

Iemand die op zoek is naar zijn identiteit, doet me altijd denken aan iemand die zijn bril loopt te zoeken zonder in de gaten te hebben dat hij die bril op heeft.
In beide gevallen valt dat gene waar naar gezocht wordt samen met datgene waar mee gezocht wordt.
Van die twee zoekenden heeft de bril-zoeker de beste vooruitzichten, omdat deze datgene wat hij zoekt kent, en het daardoor ook direct zal herkennen als het zijne wanneer hij het ziet. (Bijvoorbeeld in een spiegel, waar hij toevallig langs komt).

Voor de persoon die op zoek is naar zijn identiteit, zijn de vooruitzichten wat somberder, omdat hij het gezochte niet kent en ook niet kan herkennen, omdat hij een verkeerd beeld heeft van wat het begrip ‘identiteit ‘eigenlijk inhoudt. Anders zou hij er namelijk niet naar zoeken.
Degene die zoekt is namelijk datgene wat hij zoekt.
Hij is zogezegd identiek aan zijn identiteit. Maar hij snapt dat niet, want hij is  op zoek naar een attribuut dat hij aan zich zelf kan toevoegen.
En daarin is hij niet de enige.
Mensen zijn massaal bezig zich te omringen en te behangen met attributen. Dat kan in materiële zin door bezittingen te vergaren, zich zelf te piercen of te tatoeëren, hun haar of hun gezicht te verven, verre landen plat te lopen of een opvallend huisdier aan te schaffen. Maar het kan ook in ideologische zin door te zoeken naar een ‘spiritueel’ etiket of zich te verschansen in een etnisch of nationalistisch sjabloon.

Ik weet niet of die mensen er blij mee zouden zijn als ik ze dat zou zeggen, maar waar ze naar lijken te zoek is naar een merk. Een sterk merk. En voor sommigen van hen bij voorkeur een eigen merk. Maar de meesten nemen genoegen met (let op dit woord!) identificatie met een bestaand sterk merk.
Op het  moment  dat ik dit stukje schrijf worden in de meeste grote steden in Nederland grote beeldschermen op pleinen opgesteld om duizenden mensen in de gelegenheid te stellen gezamenlijk naar de finale van het wereldkampioenschap voetbal te kijken, en feest te vieren als het Nederlandse elftal wint.
Velen zullen zich daarvoor in bizarre kleding hullen en als het Nederlandse elftal inderdaad wint, zullen ze uitzinnig van vreugde zijn omdat we gewonnen hebben. Niet dat elftal, nou ja die ook natuurlijk, maar Nederland is kampioen. We are the champions!

Is dat iets om je druk over te maken?
Lastige vraag.
Het is natuurlijk jammer tot tragisch als je ziet dat mensen hun leven lang bezig zijn placebo’s voor nieuwere placebo’s in te ruilen. Want omdat het middel niet echt werkt blijven mensen onbevredigd en streven ze doorlopend  naar nieuwe geluksbrengers. Maar ik moet bekennen mij niet mijn broeders hoeder te voelen, en zeker niet als het om miljoenen broeders gaat.

Wat echter wèl van belang is, is wat het maatschappelijk  effect  is van hele volksstammen die hun vervulling denken te vinden in het verzamelen van zoveel mogelijk attributen.
Dat leidt namelijk tot een massale productie van onzin. Verdovende onzin.

Om maar enkele voorbeelden te noemen:
Al snel na de invoering van de televisie volgde de kleurentelevisie. Daar waren we jarenlang tevreden mee, maar nu wordt terwijl de HD televisie nog maar in een deel van huizen staat,  ons al weer 3D televisie aangeboden.
Televisie is eigenlijk al een ouderwets begrip. Je moet eigenlijk een soort huisbioscoop hebben, iets waarbij je niet meer weet waar je PC ophoudt of je TV begint, zoals je ook met je telefoon moet kunnen navigeren en met je  espresso-apparaat moet kunnen twitteren. Onder tussen liggen we aan het infuus bij een provider waar we zoveel bandbreedte hebben dat we in één uur meer video kunnen binnenhalen dan we in de rest van ons leven kunnen bekijken.
Dat kost allemaal geld, energie en grondstoffen.
Zelfs als we die spullen allemaal klimaatneutraal zouden  kunnen fabriceren, distribueren en recyclen zouden we daarvoor toch de schaarse voorraden van bepaalde grondstoffen verder moeten uitputten, met alle geopolitieke dreigingen die daaruit kunnen ontstaan.

Is daar iets tegen te doen?
Wat denkt u zelf? Zou er in Nederland een politieke partij te vinden zijn die in haar programma zette: “Wij streven naar een economische groei van min 1,7%”?
Denk het niet.
Wat dan wel?
Jaren geleden, misschien wel 20 jaar, was er een plaag in de varkensindustrie. Op het journaal waren beelden te zien van het ‘ruimen’ zoals men dat verhullend noemde van varkenshouderijen  in onder meer Duitsland. Er was een fragment wat mij enorm schokte en me nog steeds achtervolgt:
Een boer had een  jong varken bij de achter poten vast en sloeg het beest met zijn kop tegen de stalmuur dood. Naast hem lag een stapel roze varkenslijken.
Even schoot door dat laatste beeld een beeld heen van een stapel mensenlijken uit filmbeelden van de bevrijding van een van de concentratiekampen. En meteen daarop schaamde ik me voor die associatie ( je mag Auswitsch nergens mee vergelijken), maar toen ik er over bleef nadenken kon ik er toch niet omheen dat de dieren die ik at  eigenlijk geen leven voor de dood hadden gehad, maar hun bestaan hadden doorgebracht in een soort vernietigingskamp.
Wat kon ik daaraan doen? Een Partij voor de Dieren was toentertijd net zo onwaarschijnlijk als een partijprogramma met economische krimp nu.
Ik besloot geen vlees meer te eten. Vrouw en kinderen konden daar wel in meegaan en dus gingen we op zoek naar vleesvervangers, vanwege de broodnodige eiwitten en zo.
In die tijd was dat lang zoeken en weinig keus. Maar nu zie je in alle supermarkten steeds meer schapruimte ingeruimd voor vegetarische producten, en deze week ontdekten we dat zelfs de Aldi met zijn beperkte assortiment meerdere vega producten verkoopt.

OK waar wil ik naar toe? Ben ik een soort terug naar de natuur type?
Nee, hooguit een vooruit naar de natuur type. Naar de menselijke natuur wel te verstaan.
Vooruitgang is voor mij niet meer dingen, maar de goede dingen.
Technologie is fantastisch als die gebruikt wordt voor het ontwikkelen van schone basisproducten die generaties mee gaan.
Laten we kinderen weer leren hun fantasie en hun handen te gebruiken om dingen te maken.
Gun ze het geluk om hun zelf gezaaide worteltjes te proeven.
Laten we ons zelf niet vermoeien met schijnproblemen als  onze identiteit (zie: Wie ben ik, en waarom?) of vragen over de zin van het leven (zie: Rare vraag eigenlijk: “Wat is de zin van het leven?”) maar ons bezig houden met het leven zelf en kijken hoeveel overbodige onzin we daaruit kunnen verwijderen.

En oh ja, bedenk de volgende keer dat je op de fiets zit dat je eigenlijk al een prachtig toestel hebt, dat niet van echt te onderscheiden beelden produceert in maximale definitie, full colour, surround geluid en drie echte dimensies, waarmee je de camerahoek met die twee handels voorop kunt instellen en je kunt inzoomen door je pedalen te bewegen. (Uitzoomspiegel los verkrijgbaar).
En terwijl je zo van deze Super TV geniet, werk je ook nog aan je gezondheid.

Kicken!

Haags respect

vrijdag 25 juni, 2010

De uitslag van de Tweede Kamer verkiezingen was teleurstellend, maar geen schok voor me. De peilingen gaven al lang aan welke kant het op ging. En ook zonder peilingen is het voor een enigszins oplettend persoon dat er een in kracht toenemende rechtse wind door Nederland waait.
Nu wil ik niet direct van een Post Electorale Stress Stoornis spreken, maar er ontwikkelde zich wel een aanzienlijk kater na de uitslag, want nog voor de haan drie maal gekraaid had werden de kiezers al vanaf meerdere kanten verraden.

Het begon met onze VOC held Jan Pieterszoon Balkenende.
Nog voor het ochtend krieken verscheen hij voor de pers en verklaarde hij:

“Ik heb onze partijvoorzitter laten weten dat ik mijn partijleiderschap per direct neerleg en ook heb ik aangegeven dat ik niet zal worden geïnstalleerd dat ik niet zal worden geïnstalleerd als lid van de Tweede  Kamer in zijn nieuwe samenstelling. Ook dat behoort bij het nemen van politieke verantwoordelijkheid.”

Het loont de moeite om zo’n tekst eens nauwkeurig te lezen.
Wat als eerste opvalt is dat Balkenende halverwege zijn uitspraak van de bedrijvende naar de lijdende vorm overstapt:
Hij heeft zijn partijleiderschap neergelegd, maar hij zal niet worden geïnstalleerd als lid van de Tweede Kamer.
Alsof er een hogere macht is die hem, Jan Peter Balkenende verhinderde om zitting te nemen op de zetel waarop hij volgens de Kieswet recht had.
Zetel? Zetels mag je wel zeggen, want van de 1.281.886 stemmen die het CDA verkreeg werden er maar liefst 947.785  op nr. 1 van de lijst uitgebracht. Dat is 73,94%, ofwel genoeg voor 15 zetels!
Maar in zijn vervolg zin trekt Balkenende de actie  weer naar zich toe door te zeggen: “Ook dat behoort bij het nemen van politieke verantwoordelijkheid.”

En hier slaat bij mij de totale verbijstering toe:
947.785 mensen zeggen ik wil jóu in de tweede Kamer als míjn politieke vertegenwoordiger, en hij zegt dan ‘dat doe ik niet’ en noemt dat vervolgens nog ‘het nemen van politieke verantwoordelijkheid”!

Nou ik noem dat gewoon weglopen.
Beledigd.
In Duitsland noemen ze  iemand die zoiets presteert Verzichtkanzler.
Waar is die Balkenende die keer op keer kraaide dat hij bij tegenwind alleen maar harder ging trappen?
We weten het nu. Hij gaat harder staan trappen op de  kiezers die hem trouw zijn gebleven.
Natuurlijk, hij heeft van te voren geroepen dat hij voor goud ging. Zoals wel meer gebeurt bij atleten met meer testosteron dan realiteitszin.Maar dat is nog geen excuus om als je de gouwe plak niet wint de 15 zilverlingen die je wel verdiend hebt in het gezicht van de jury te smijten.
Nu weten we wat een Balkenendenorm werkelijk voorstelt.
Meneer neemt geen genoegen met de nederig dienende taak van gekozen volksvertegenwoordiger. Hij wenst niet een van de vele door het volk geroepenen te zijn. Nee, hij wenst de ene door de majesteit uitverkorene te zijn.
Laten we deze man zo snel mogelijk vergeten!

Wilders was een goede tweede in kiezersbedrog.
Nog geen acht uur nadat hij het laten vallen van zijn AOW breekpunt kiezersbedrog noemde liet hij het vallen. Hij heeft er kennelijk het volste vertrouwen in dat zijn kiezers dom genoeg zijn om dat van hem te pikken.
Hij switchte trouwens op het zelfde punt als Balkenende ook al twee keer.
Vóór de gemeenteraadsverkiezingen zette hij zich zelf als lijstduwer op de lijst van Den Haag, met de verzekering dat hij bij verkiezing zijn zetel niet zou opeisen.
Vervolgens deed hij dat toch, omdat hij de keuze van zoveel kiezers wel moest respecteren. En inmiddels heeft zijn zetel weer teruggegeven omdat de twee functies raadslid en kamerlid niet goed te verenigen zijn. Wat een briljant inzicht is natuurlijk.

Dat respect voor de kiezers scoort trouwens hoog dezer dagen.
Iedereen van links tot rechts hoorde je in de dagen na de verkiezingsuitslag roepen dat je die miljoen kiezers die de PVV erbij had gekregen natuurlijk serieus moet nemen. Een geluid dat ik me niet herinner gehoord te hebben in 2006, toen de SP nog meer stemmen won.
Maar intussen hulden de partijen zich in nevelen hoe dat respect dan vorm moest krijgen en trachtten ze de hete PVV-aardappel met respect en al in de schoot van de concurrentie te frommelen.
Zoals ook een dichte nevel de (in)formatie omhuld. Hier kan namelijk niets over gezegd worden omdat dit de “procedure” zou schaden.
De procedure is kennelijk als een vierde macht aan onze Trias Politica toegevoegd.

Wat mij betreft zouden al die formatie-, informatie-, verkennings-, snuffel- en knuffelrondes volledig vastgelegd moeten worden en na totstandkoming van een kabinet openbaar gemaakt moeten worden. Zodat wij, de kiezers, weten hoe en door wie er geschoven is met standpunten en programma’s, zodat we daar bij de volgende verkiezingen rekening mee kunnen houden.
Dat zou nog eens van respect voor de kiezer getuigen.

Inmiddels zijn er na 16 dagen al vier combinaties bekeken en afgeserveerd en het begint er een beetje naar uit te zien dat met de VVD van Rutte niet samen te werken valt. En dat is vervelend voor de grootste onder de dwergen. Zeker nu hij hierdoor in de door hem afgedankte categorie der kansarmen dreigt te belanden.
Het valt te vrezen dat er echter bij volgende verkiezingen niet zoveel minder kans op een impasse is omdat we met een stelsel blijven zitten van tien partijen waarvan er acht in grootte naar elkaar toe kruipen.
Ik begin daarom steeds meer begrip te krijgen voor een kiesdrempel van bijvoorbeeld tien procent.

Hoe is dat te verdedigen door iemand die ooit PSP, Groen Links en SP heeft gestemd?
In de tijden dat ik dat deed, was er een sterke PvdA, waarvan je kon aannemen dat die in de regering zou komen. En je stemde dus op een groenere linksere of een pacifistischere variant om de PvdA scherp te houden.
Bij het bestaan van een kiesdrempel zou dat niet meer effectief  zijn en in zo’n situatie zou de richtingenstrijd binnen de partijen plaats moeten vinden door vleugelvorming.

Zoiets hebben we ook al gehad in de tijd van Nieuw Links en de Rode Vrouwen.
Het populisme houd je hier niet mee tegen en dat moet ook niet. Er zullen waarschijnlijk wel twee populistische partijen boven de kiesdrempel uitkomen, een linkse en een rechtse, maar ze zullen geen dwingende rol spelen bij de coalitievorming.

Waarom ik hier niet mag zijn

maandag 7 juni, 2010

In 1921 vertrok de toen 17-jarige Hubertina Katharina Maria Fretz (roepnaam Tienchen) uit haar geboortedorp Lobberich (tegenwoordig deel uitmakend van de gemeente Nettetal) naar Nederland.
Duitsland – na de eerste wereldoorlog leeggeplunderd op grond van het verdrag van Versailles – verkeerde in een economische crisis waarbij vergeleken de onze een periode van hoogconjunctuur is.
Volgens de huidige etikettencultuur was Tienchen dus een economische vluchteling. Maar sinds de verkiezingscampagne van 2010 wordt dit etiket overplakt door een nieuw; ‘kansarme migrant’. Of als men het neutraler wil laten klinken; ‘laag opgeleide migrant’.
Het auteursrecht voor deze nieuwe term moeten we zoeken bij de VVD.

Laten we voor we het verder over Tienchen Fretz hebben, nog een wat nauwkeuriger naar deze nieuwe etiketten kijken.
Wanneer politici over migranten spreken, bedoelen ze natuurlijk immigranten. Mensen dus, die hier willen wonen en werken, of hier zoeken naar een veilig bestaan.
De term economische vluchteling kwam in zwang toen men vond dat hier te veel mensen asiel kwamen zoeken en men twijfelde of zij wel allemaal politieke vluchtelingen waren.  Ook hier was de VVD weer de bakermat en was de voormalige gevangenbewaakster Verdonk de luidruchtigste pleitbezorger van een strenger deurbeleid.

Maar inderdaad, Tienchen had je in 1921 terecht een economische vluchteling kunnen noemen.
Ook de term ‘laag opgeleide migrant’ was wel op haar van toepassing. Want ze had niet meer opleiding dan het plaatselijk pastoorsschooltje.
Daarna werkte ze korte tijd op de weverij van de plaatselijke textielbaron Niedeck, en later op diens ‘kasteeltje’ als dienstmeisje, waar ze leerde serveren, de namen van de Franse wijnen correct uit te spreken als ze het etiket toonde, en een knicks  te maken bij het afscheid van de gasten.
Een van haar zusters, Gertrud, was haar al voorgegaan naar Amsterdam en zij zorgde voor een betrekking, zoals dat toen heette, bij de familie Peperkorrel.
Was Tienchen nu ook een kansarme migrant? Want dat is het criterium dat de heer Rutte van de volkspartij voor vrijheid en democratie aanlegt om te bepalen wie er van zijn kostelijk vrijheid en democratie mag meegenieten.
Dat is slim van meneer Rutte, want zo profiteert hij van de xenofobie van de heer Wilders (ook grootgebracht in  de VVD stallen) zonder voor de verkiezingen te veel op hem te lijken. Maar dat kan allemaal goed komen na 9 juni tenslotte zijn Bouterse en Brunswijk na de verkiezingen ook in elkaars armen gevallen.
Rutte discrimineert dus niet op etniciteit of religie, maar wil wel voorkomen dat ons land overstroomd wordt door kansarmen, die men in plattere kringen ook wel losers noemt.
Ik zit mij naar aanleiding van een televisie optreden van de heer R. hardop af te vragen hoe hij in Gods- c.q. Allah’s naam daar aan de grens bij Venlo (waar Tienchen destijds misschien ook wel overgestoken is) wil vaststellen of subject X al dan niet kansrijk is.
Maar dan geeft mijn jongste zoon, eerstejaars sociologie (in Nijmegen) het verlichtende commentaar: “In het land van Rutte bestaan toch helemaal geen kansarmen?”
Verdomd, hij heeft gelijk, die studie levert na een half jaar al rendement op.
In de liberale droomwereld kan iedereen het maken als hij zijn best maar doet, en niet te veel wordt gehinderd door “regeltjes” van een opdringerige overheid.
Van krantenjongen tot miljonair, dat soort werk. (Een beetje sneu dat de enige Nederlander die krantenjongen èn miljonair is zich tot de SP heeft bekend).
Alle politieke wrok even terzijde.  Als Rutte in 1921 minister president was geweest, was Tienchen hier niet binnen gekomen. En had zij niet mijn vader ontmoet, en had mijn jongste zoon niet die correcte opmerking kunnen plaatsen, en had mijn oudste zoon niet die goed opgeleide en kansrijke Poolse ontmoet en was dat prachtige kindje er niet geweest dat nu dapper probeert op eigen benen te staan en ooit wellicht de eerste vrouwelijke president van Polen of van de Verenigde Staten van Europa zal worden.
Maar ook als dat laatste niet gebeurt, is – omdat de heer Rutte in 1921 nog niet bestond – ons land toen verrijkt met een vrouw die mijn moeder zou worden.

Een moeder die mij leerde dat je niet een algemeen oordeel kon vellen over Duitsers of Joden of wie dan ook. Zij sprak altijd met warmte over de familie waar zij diende.
Die mij ondanks haar gebrekkige opleiding een ongeneeslijke nieuwsgierigheid bijbracht.
Die me leerde improviseren.
Die me leerde de waarde van sentiment en romantiek te ontdekken.
Die gedichten als das Lied von der Glocke, en Wahlfart nach Kevelaer kon reciteren.
Die al die Duitse deugden vertegenwoordigde voordat de rechtse xenofoben daar hun vernietigende werk deden.
Een moeder die het voor mij gemakkelijk maakte het feminisme te omhelzen.

Kortom, meneer Rutte waar praat U over?
Wat matigt U zich aan?
Waar haalt U het recht vandaan om te oordelen over de legitimiteit van mensen die U niet kent, en waarschijnlijk niet wilt kennen?
Begin eens te leven.  Zorg eens voor een kind, en kijk eens wat U daarvan terecht brengt, voor U zich aan de maatschappij vergrijpt!